iMazedBlog

Alles over schrijven

Alles over schrijven


  • Februari schrijfwedstrijd: De Perfecte Storm

    Donder, lichtflitsen, regen die zich tegen de ramen smijt. Kolkend water, doorbrekende dijken, reddingsboten… De schrijfwedstrijd van februari is dit keer wel heel intens! (more…)


  • Winnaar schrijfwedstrijd februari

    Posted on by iMazed Comment

    Lieve lezers,

    Voordat ik de winnaar bekend maak, eerst even wat huishoudelijke mededelingen. Ten eerste: er waren wat opmerkingen over mijn spelling in de post over de wedstrijd. Helemaal terecht natuurlijk! Ik werk er hard aan om elke post zo netjes mogelijk af te leveren. Het kan echter wel eens voorkomen dat er zo’n post tussen zit.

    Ten tweede: de e-mailbox waar ik jullie e-mails op ontvang heeft wat kuren gehad. Normaal gezien krijg je een automatisch gegenereerd antwoord als je je verhaal instuurt, maar dat is deze keer niet gelukt. Excuses daarvoor! Voor zover ik weet zijn er geen problemen geweest met de ontvangst van de inzendingen. Mocht je graag willen weten of je inzending wel in goede orde is aangekomen, dan vraag ik je vriendelijk nogmaals een mailtje te sturen. Ik controleer het dan handmatig en stuur je een reactie terug.

    En dan nu: de bekendmaking van de winnaar! Er zaten mooie en grappige verhalen tussen, maar deze vonden zowel Stephanie en ik bovenaan het lijstje staan.

    Thomas IJmker – “Verlamd”

    Waar ben ik? Dat is de eerste gedachte die in mij op komt als ik mijn ogen open. Ik heb geen idee wat er is gebeurd en hoe ik hier terecht ben gekomen. Ik zou graag om me heen willen kijken, maar het is veel te donker. Daarnaast merk ik dat mijn lichaam niet kan doen wat de gedachte van hem verlangt. Mijn armen en benen kan ik niet bewegen. Sterker nog: ze lijken niet eens meer te bestaan. Het gevoel uit mijn ledematen is helemaal weggetrokken. De enige dingen die ik voel zijn mijn rug die in zijn geheel pijnlijk is en de ondergrond waar ik op lig. Een koude en gladde vloer. Mijn hoofd ligt gedraaid, waardoor mijn rechter wang die vloer raakt. Het lijkt alsof ik met mijn wang op een vochtige plek lig. Het is geen water, dat weet ik zeker. Het is veel te plakkerig om water te zijn.

    De vraag “Hoe kom ik hier terecht?” spookt nog steeds door mijn hoofd. Ik kan mij niets herinneren van de gebeurtenissen die er voor hebben gezorgd dat ik op deze plek terecht ben gekomen. In de verte hoor ik gerommel. Gerommel dat klinkt als onweer. Ik merk nu pas dat de regen tegen de buitenkant van de ruimte aan wordt gesmeten door de harde wind. Weer hoor ik gerommel, maar het is nu verder weg.

    Tot nu toe is het volkomen stil geweest in de ruimte waar ik lig. Ben ik de enige? Ik hoop het niet. Ik hoop aan de ene kant dat er meer mensen zijn. Aan de andere kant zou ik de onzekerheid, de pijn en de angst die ik nu voel niemand gunnen.

    Langzaam begint het gevoel in mijn linker been terug te komen. Ik kan hem voorzichtig bewegen. Heel vloeiend gaat het nog niet, omdat het lijkt alsof er iets zwaars op ligt dat hem op zijn plek houdt. Ik probeer ook mijn hoofd op te tillen. Langzaam maar zeker lukt het me om mijn hoofd uit de plas met – inmiddels opgedroogd – spul te trekken. Mijn ogen hebben nog niet kunnen wennen aan het donker, dus rondkijken heeft op dit moment nog niet veel zin. Ik besluit mijn hoofd weer neer te leggen, omdat mijn nek aangeeft dat het veel te lijden heeft gehad. De pijn wordt bijna ondraaglijk en gaat door mijn hele wervelkolom.

    Ineens hoor ik een kreunend geluid. Een gevoel van opluchting gaat door mij heen: Ik ben niet alleen. Terwijl het gekreun doorgaat, verschijnt er op mijn gezicht een glimlach. Deze verdwijnt al snel wanneer het gekreun overgaat in gesnik. Deze persoon heeft verdriet. Veel verdriet. Ik kan het me niet voorstellen. Ik wil het me niet voorstellen. Ik wil niet weten of ze haar kind verloren is, of dat haar been twee meter verderop ligt. Nee, op dit moment heb ik mijn eigen zorgen. Nog steeds kan ik mijn rechter been en mijn beide armen niet voelen.

    Op dat moment krijg ik een flashback. Ik zie een cabine vol met mensen. Lichtflitsen schieten aan beide kanten langs de cabine. Er is veel lawaai: Het geschreeuw van tientallen mensen die in paniek zijn, het gekraak van stoelen die van hun plek worden gerukt en nog vele andere geluiden die ik niet thuis kan brengen. Links van mij zit mijn vrouw, Jenny. Ze kijkt me aan met angst in haar ogen. Ze schreeuwt niet. Ze zegt “I love you”, maar niet hardop. Ik hoor haar niet, maar ik zie haar lippen bewegen. Mijn lippen zeggen “I love you” terug. Haar hoofd gaat richting mijn schouder terwijl het vliegtuig waar we in zitten met een noodvaart naar beneden stort. Het laatste dat ik mij kan herinneren is een harde klap. Daarna laat mijn geheugen mij in de steek.

    “Jenny!” Ik probeer te schreeuwen, maar het lukt niet. “Jenny, waar ben je?” Ik doe nog een poging, maar mijn stem vervaagt al na twee woorden. Ik krijg geen gehoor. Het enige geluid in de omgeving is het gehuil van de persoon een paar meter verderop. Ik kan het niet tegenhouden. Ik voel de tranen nu ook opkomen. Het verdriet van de persoon verderop wilde ik mij niet voorstellen, maar ik geloof dat ik op dit moment dicht in de buurt kom.

    Het gevoel in mijn linker arm komt terug. Het begint bovenaan. Ik denk dat ik een behoorlijke wond heb op mijn bovenarm, aangezien de pijn daar ondraaglijk is. Op deze manier had ik liever het gevoel in mijn arm niet terug gehad. Langzaam maar zeker komt het gevoel in de rest van mijn arm ook terug. Op het moment dat het mijn hand heeft bereikt, voel ik dat deze vast wordt gehouden, net als in mijn flashback. Het duurt nog een paar tellen voordat ik de ring om de ringvinger van de andere hand voel. Ze ligt naast me, ik weet het zeker.

    “Jenny?” Deze keer zeg ik het zo zacht, dat alleen zij het kan horen. “Jenny, als je me hoort, knijp dan alsjeblieft in mijn hand.” Een lange tijd geen reactie. Ik voel de tranen weer opkomen. Mijn hoofd wordt licht en ik voel me duizelig. Mijn maag geeft aan dat, hoewel er niks in zit, er iets naar buiten gaat komen, maar nog voordat mijn maag deze procedure in gang kan zetten, voel ik dat ze zachtjes in mijn hand knijpt. Het is bijna niet noemenswaardig, maar ze laat merken dat ze me heeft gehoord. De tranen van verdriet veranderen in tranen van blijdschap. Mijn ogen beginnen moe te worden. Langzaam gaan ze dicht. Ik hou haar hand vast, terwijl ik merk dat ik in slaap begin te vallen.

    Ik schrik wakker als ik opeens een paar mannen hoor praten. Het gesprek komt van buiten het vliegtuig. Ik doe mijn uiterste best om me te concentreren op het gesprek, maar het lukt me niet om te horen wat er gezegd wordt. Ze komen dichterbij. Ik zie de banen van de zaklampen die door de ramen schijnen. Een gevoel van geluk gaat door me heen, terwijl ik daar op de koude grond lig. Het gesprek is nu beter te horen, maar helaas niet te volgen, omdat de mannen een taal spreken die ik niet ken. Het lijkt op Spaans, maar ik weet het niet zeker. Nog steeds hou ik de hand van Jenny vast, maar deze voelt kouder aan dan eerst. Haar grip is ook duidelijk minder sterk. Ik probeer haar aandacht te trekken door tegelijkertijd met mijn hand in die van haar te knijpen. Ik krijg geen reactie. Ik probeer nog een keer in haar hand te knijpen, in de hoop dat zij dit ook zal doen, maar ik krijg geen reactie.

    De mannen komen het vliegtuig binnen en schijnen met hun zaklampen van links naar rechts. Het lijkt alsof ze de schade aan het bekijken zijn. Ik begin te huilen als een klein kind dat net zijn moeder is kwijtgeraakt in de supermarkt. De voetstappen komen snel mijn kant op. Een van de mannen staat naast mij met zijn zaklamp en schijnt deze op mijn gezicht. Het licht doet pijn aan mijn ogen en het duurt lang voordat ik er aan gewend ben. De man beseft dit en besluit niet langer op mijn gezicht te richten maar op mijn rug. Op dat moment kijk ik recht in het gezicht van Jenny. De angst van het laatste moment van haar leven, zie ik in haar ogen. Ik huil nog harder dan daarvoor.

    De man naast mij begint heel hard te schreeuwen en al heel snel staan er vier anderen om hem heen. Achter hen zie ik een brancard. Ik wil hier niet weg. Ik wil hier blijven liggen en sterven naast mijn vrouw, maar ik zie dat twee van de mannen naar mij toe komen om me op te pakken. Voordat ze dit doen, kijken ze mijn hele lichaam na. Ook het zware voorwerp dat op mijn been lag, wordt verwijderd. Langzaam word ik omgedraaid. Nog steeds hou ik de hand van Jenny vast. Ik wil niet weg. Ik wil niet dat ze me meenemen. Ik begin nog harder te huilen en laat uiteindelijk haar hand los. Voorzichtig tillen de mannen mij op en leggen ze mij op de brancard. Door de zaklampen zie ik verschillende lichamen liggen door de hele ruimte. Snel doe ik mijn ogen dicht. Ik durf niet meer te kijken. Na een paar minuten word de brancard opgetild en kijk ik nog een keer naar de plek waar Jenny ligt en zeg: “Rust zacht, mijn lief”, om vervolgens mijn ogen weer te sluiten.

    Thomas, gefeliciteerd met je prijs! Ik heb geprobeerd je te mailen, maar kreeg het mailtje terug. Wellicht kun je nogmaals contact met mij opnemen voor verdere details?



  • Geen inspiratie… Wat nu?

    Je zit, al twee uur lang, naar je beeldscherm te staren. De inspiratie is ver te zoeken en je raakt gefrustreerd. Je had afgesproken met jezelf, om vandaag een paar hoofdstukken te schrijven. Het is een belangrijk moment in je boek, concentratie is dus van groot belang. Wat nu? (more…)


  • Schrijfoefeningen: spel- en stijlfouten

    Herschrijven van teksten is altijd lastig, want waar moet je allemaal op letten? Vaak zie je fouten over het hoofd of doe je juist te goed je best. Belangrijke onderdeel van het herschrijven, is de spel- en stijlfouten uit je tekst halen. Het is belangrijk, dat je alle regels goed kent en alle fouten uit de tekst kunt halen. Oefen het herschrijven met de volgende oefening: (more…)


  • Winnaar schrijfwedstrijd januari

    Met 47 inzendingen, geschreven door mensen van uiteenlopende leeftijden en herkomsten, is de schrijfwedstrijd van januari als zeer geslaagd te beschrijven. Het onderwerp (‘surprise party gone wrong‘) zorgde schijnbaar voor veel inspiratie! (more…)


  • Beschrijf emoties, benoem ze niet

    Emoties zijn erg belangrijk in je verhaal, maar het is soms moeilijk om ze te beschrijven. Het is makkelijk om te zeggen:

    “Ze is verdrietig…”

    Het wordt lastiger als je de emotie moet gaan beschrijven. (more…)


  • Potloodventer

    Hoensbroek, 1980: ‘Kijk eens wat ik hier heb!’ De potloodventer -die een meter of 50 bij ons vandaan staat- haalt ongevraagd zijn geslachtsdeel uit zijn broek en begint keihard te lachen. (more…)


  • Hoe maak je een schrijfplan?

    Voordat je begint met het schrijven van je boek is het belangrijk om een goed schrijfplan te hebben. In het schrijfplan schrijf je de hoofdlijnen en scènes van je verhaal op. Met een goed schrijfplan zal je merken dat het schrijfproces veel minder tijd in beslag zal nemen. Het is fijn om iets te hebben waar je op terug kan vallen. Maar hoe maak je een schrijfplan? Het belangrijkste is om jezelf de tijd te gunnen! (more…)


  • Gastblog: Het geluk van een schrijver

    Posted on by iMazed Comment

    Dit blog is geschreven door Frank.

    “Wat zul jij een gelukkig persoon zijn.”
    Woorden van een buurvrouw, van wie het hele dorp sprak dat zij nog eens van geluk onder een trein zou komen. Een buurvrouw, die elke bingo-kandidaat de stuipen op het lijf joeg, al was het alleen al door haar verschijning. (more…)


  • Schrijftips: dialoog schrijven

    di·a·loog
    de; m -logen 1 gesprek van twee personen 2 discussie, overleg

    Samengesteld uit de Griekse woorden logos (woord, taal, rede) en dia (door). Dat laatste woord wordt soms ook verward met di (twee), maar dat is onjuist. Een gesprek door middel van taal dus, en onmisbaar voor je verhaal. (more…)




©2012 iMazedBlog Entries (RSS) and Comments (RSS)  Raindrops Theme